Posts tonen met het label authenticiteit. Alle posts tonen
Posts tonen met het label authenticiteit. Alle posts tonen

vrijdag 19 november 2010

‘The Real Thing’ (2): conclusies over authenticiteit

aaapauzebis Wat hebben we overgehouden uit de bijeenkomst bij Beeld en Geluid afgelopen donderdag? Ik doe een poging tot een samenvatting:

1. Authenticiteit is geen zwart-witkwestie

In het digitale tijdperk, en zeker in het audiovisuele domein, is authenticiteit méér dan een zwart-witkwestie. Er zijn allerhande gradaties mogelijk, zie het schema van Wright in de vorige blog. Dat maakt het er allemaal niet gemakkelijker op, ‘maar wel boeiend’ (aldus Gaby Wijers van het NIMk). Je kunt ook uit veel perspectieven naar authenticiteit kijken: bewijsrechtelijk, ethisch, en ga zo maar door. Daarmee is het een dynamisch begrip.

2. Authenticiteit zit zelden in de bitstream zelf

Een middeleeuwse oorkonde met zegels eraan bewijst zijn eigen authenticiteit. In het digitale tijdperk is dat niet meer denkbaar. De bitstream kent geen handtekening of zegels.

3. Authenticiteit draait om de vraag: is het ding wat het beweert te zijn?

Er zijn vele definities voor authenticiteit: OAIS, TRAC, PREMIS, NEN 2082 en de Archiefterminologie 2007. Maar waar ze allemaal op neerkomen is de beantwoording van de vraag: is het ding wat het beweert te zijn?  Voor NEN 2082 hoort daarbij dat de persoon (die schrijft, mailt, etc.) degene is die hij zegt te zijn en dat het vermelde tijdstip klopt. In creatieve kringen wordt, zeker audiovisueel, veel nep geproduceerd. Ik zag tijdens Economies of the commons een mooie clip langskomen van internationale politieke kopstukken die samen een maf liedje zongen. Daar is helemaal niets mis mee, zolang er maar bij verteld wordt dat het nep is. Zo’n object is ‘true to itself’, en dus authentiek. Kijk maar eens naar dit filmpje waarin Joseph Pine uitleg geeft over de vierhoek real fake – fake fake – fake real – real real.

fakereal4. Authenticiteit in het digitale tijdperk is context

De archiefterminologie 2007 heeft het over ‘een controleerbare wijze van vorming, overlevering, bewaring en raadpleging’, en ik denk dat in die opsomming de kern ligt van authenticiteit in het digitale tijdperk – en tegelijkertijd De Uitdaging voor iedere archivaris: als de bitstream zelf geen antwoord kan geven op de authenticiteitsvraag, moet het antwoord uit de context komen. Een archivaris die authenticiteit wil aantonen van digitale objecten, moet kunnen bewijzen waar het object vandaan komt, wie het beheerd heeft. Welke voorzorgsmaatregelen steeds zijn genomen om te voorkomen dat er ongeautoriseerd mee geknoeid is. Welke controles er zijn uitgevoerd, welke migraties hebben plaatsgevonden.

vlnr Gaby Wijers (NIMk), Harry Romijn (AVA_net), Annemieke de Jong (BenG, projectleider Kennisbank) en Jan Müller (Beeld en Geluid) Dit heeft drie belangrijke praktische consequenties:

a) de administratie moet op orde zijn. Iedere handeling met een digitaal object zou idealiter moeten worden gedocumenteerd en in de metadata opgeslagen, in de submission information packages, de archival information packages en de dissemination information packages uit het OAIS-model (dat trouwens maar bekend was bij iets meer dan de helft van het publiek dat donderdag bij Beeld en Geluid zat, zo bleek bij handopsteken – zie uitleg bij de TaskForce Archieven).

b) als je authenticiteit wilt waarborgen moet je werken met betrouwbare partners, zowel in de productiefase als de daarop volgende fases van (tijdelijk/langdurig) beheer en beschikbaarstelling. En je moet eisen stellen aan de objecten die je opneemt, dat daarbij ook de nodige informatie wordt meegeleverd.

c) dit pleit voor korte lijnen tussen alle betrokkenen. Je wilt voorkomen dat er breuken ontstaan in de continue zorg voor digitale informatie.

En verder …

. . . sprak Richard Wright wijze woorden: ‘Don’t give up. Things go wrong but they can and will be fixed’;

. . . vindt Chido Houbraken (adviseur archieven) dat authenticiteit bij de KB iets anders is dan bij het Gemeentearchief Rotterdam, maar dat Beeld en Geluid zich kwalificeert als e-depot in de termen van Eisen Duurzaam Digitaal Depot (ED3);

. . . citeerde Jan Müller (directeur Beeld en Geluid) met genoegen Neelie Kroes, Europees Commissaris voor de Digitale Agenda, die onlangs nog zei: ‘Audiovisual archives should remain available for everybody forever.’

aaHetgaateromspannenbis

Foto links: De middagdip werd bestreden met een petje-op-petje-af quiz over audiovisuele media, gemaakt door Harry Romijn (AVA_net) en gepresenteerd door Jan Müller (BenG). Halverwege dreigde een impasse te ontstaan, omdat helemaal voorin de zaal experts bij uitstek Richard Wright (BBC) en Kara van Malssen (American Archive) (staand met pet) alle antwoorden kenden en de andere overlevenden hun voorbeelden rustig konden volgen. Gelukkig zorgden de simultaanvertalers voor wat verwarring, zodat Wright en Malssen – zeer tegen hun zin! – toch afvielen. De quiz werd gewonnen door Servaas Bollen van het Muziekcentrum Nederland, die op de knop mocht drukken waarmee de AVA_net Kennisbank officieel werd gelanceerd.

Overigens had Harry Romijn voor-het-geval dat een pittige shoot-outvraag voorbereid. Hoeveel videorecorders exporteerde Japan in 1990? En hoeveel in 2000?

Het atrium van Beeld en Geluid in de steigers - binnenkort wordt hier vandaan de Top 2000 uitgezonden

woensdag 17 november 2010

‘The Real Thing’ (1): authenticiteit en AV media

Welke is de meest authentieke Mona Lisa?Over authenticiteit, of, in het Engels, ‘The Real Thing’ c.q. in het Amerikaans, ‘The Real McCoy’, valt het nodige te zeggen. Dat bleek vandaag tijdens een vakseminar dat Beeld en Geluid en AVA_net organiseerden ter gelegenheid van de lancering van de AVA_net kennisbank. Neem nu deze twee Mona Lisa’s (foto rechts). Welke is authentieker? Léontine Meijer van de Reinwardt Academie legde het publiek uit dat de linkerversie die van het Louvre is en de rechter de versie die zou zijn ontstaan als het schilderij beheerd zou zijn door het British Museum, waar ze een ander beleid hebben t.a.v. vernissen. Om het maar simpel te houden. Zo zijn er ook archiefwettelijke aspecten aan authenticiteit, kunsthistorische, ethische, filosofische, en ga zo maar door.WorkshopArchiefrechtelijkeAuthenticiteitdoorChidoHoubraken In het digitale tijdperk wordt authenticiteit er niet makkelijker op, dat werd wel duidelijk. Chido Houbraken liet een middeleeuwse oorkonde zien waarin de authenticiteit opgesloten lag, door middel van de zegels die eraan hingen. Dat is nog eens overzichtelijk. Helemaal aan het andere eind van het spectrum kwam de presentatie van Gaby Wijers uit, van het NIMk, het Nederlands Instituut voor Mediakunst. Wat is de meest authentieke versie van een videokunstwerk? En wie bepaalt wat authentiek is? Wat gebeurt er als de afspeelapparatuur die een essentieel onderdeel is van het kunstwerk, niet meer beschikbaar is? Mag je het kunstwerk dan migreren of moet je het als verloren beschouwen?

Richard Wright van de BBC kwam met een denkkader: authenticiteit voor audiovisuele producten in gradaties (en Harry Romijn van AVA_net liet al snel zien hoe lastig het is om de fases van elkaar te onderscheiden n.a.v. een fragment loopgravenoorlog uit de Eerste Wereldoorlog dat boogt op authenticiteit, maar dat deels uit cinemabeelden blijkt te bestaan en deels uit echte oorlogsvoering die wel even is nagespeeld voor de camera omdat het anders te gevaarlijk was voor de filmploeg …).
Het kader van Wright:

Richard Wright met een niet uitgekomen voorspelling van de uitvinder van de film

Authenticiteit 1 is de originele gebeurtenis. Niks aan te doen. Is wat het is. Of was. Bij AV-materiaal bestaat zoiets, bij een boek niet. Een boek is altijd iets over Fase 1.

Authenticiteit 2. De eerste registratie van A1. Met 1 mechanisch oog en 1 microfoon op 1 medium.

Authenticiteit 3. De nieuwe master. De inhoud wordt losgemaakt van de eerste registratie en op een andere drager gezet. In het analoge tijdperk leidde dit altijd tot extra ruis, maar in het digitiale tijdperk kan dit in theorie een exacte kopie zijn. Helaas is de praktijk weerbarstiger (compressie, weergavefouten, etc.).

Een volle zaal bij Beeld en GeluidAuthenticiteit 4. Kopieën van A3, de nieuwe master. Toegangskopieën, bijvoorbeeld, in lage resolutie.

In de middag zou Gaby Wijers (NIMk) er nog een dimensie aan toevoegen: je kunt alles helemaal authentiek bewaard hebben, maar als er dan geen originele afspeelapparatuur meer is, wat doe je dan?

Kara van Malssen, van het American Archive, voegde de dimensie ‘schaal’ toe aan het debat: volgens schattingen van het IDC wordt in 2010 1.2 zetabyte aan informatie geproduceerd, en verwachten we in 2020 35 ZETABYTE (1 ZB = 1024 exabyte = 1024 petabyte = 1024 terabyte … ) … volg je me nog …..?

Een mens kan er moedeloos van worden, maar de middag bracht gelukkig ook een belangrijke stap voorwaarts: de lancering van de AVA_net Kennisbank http://www.avarchivering.nl/, een prachtig instrument, ontwikkeld door AVA_net, waarin niet zomaar bronnen worden aangeboden over AV archivering, maar experts hun commentaar geven bij de bronnen. Komt dat zien!